Ik zal mezelf eerst even voorstellen: mijn naam is Michelle, ik ben 25 jaar oud en ik studeer Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Tilburg. Voordat ik aan deze studie begon, heb ik eerst vier jaar op het mbo gezeten en daarna mijn propedeuse behaald op het hbo. Al snel realiseerde ik mij dat het op de universiteit niet alleen draaide om goede cijfers halen: jezelf ontwikkelen op persoonlijk & zakelijk vlak en verder kijken dan je neus lang is, is van groot belang. Ik werd derhalve in het eerste jaar actief bij mijn studievereniging.
In het tweede studiejaar wilde ik graag actief blijven, maar ik wilde iets doen wat van blijvende waarde was voor de maatschappij en niet per se voor mijn eigen ontwikkeling. Ik werd voorzitter van een vrijwilligersorganisatie die zich inzet voor de hulpbehoevenden in de Tilburgse samenleving. I loved my job: ik kreeg energie van het delen van verhalen en de handen ineenslaan met studenten en hun vereniging om een beter Tilburg te creëren. Maar dit was ook het begin van het einde: de periode dat ik thuis kwam te zitten.
Het begin van het einde
Van nature ben ik iemand die anderen met veel liefde en plezier helpt. Het bewaken van mijn grenzen vergeet ik daarbij snel uit het zicht. Sterker nog, ik wist niet dat ik grenzen had en als ik dat al wel wist, dan wist ik niet waar deze lagen. Waar ik veel compassie had voor de besturen, vrijwilligers en organisaties om onze organisatie heen, had ik minder compassie voor mijn bestuur. Ik had een no-nonsense instelling: een trap onder je kont en doorgaan. Ik begreep niet dat anderen niet zo in het leven stonden, ik begreep niet dat mensen grenzen hadden en ik begreep niet dat niet altijd alles tot in de details hoeft te zijn geregeld.
Omdat niemand aan mijn idealen kon voldoen, vond ik dat ik het zelf maar op moest lossen. ‘Als niemand het doet, dan doe ik het wel.’ Ik riep vaak tegen de mensen om mij heen: ‘besturen is alle ballen in de lucht gooien en kijken welke je kunt vangen.’ Ik vond dat iedereen dat moest kunnen.
Ik was, als ik terugkijk, niet zo’n aardig mens. Mensen konden hun verhaal bij me kwijt en daar reageerde ik altijd op met praktische tips. Ik kon alleen niks met andermans emoties, omdat ik nooit had geleerd om te dealen met mijn eigen emoties. Als iemand in huilen uitbarstte of iets naars vertelde, gaf ik die persoon nog net geen schouderklopje. Ik rende letterlijk altijd maar door, zodat ik niet hoefde te voelen of stil hoefde te staan bij de dingen die niet leuk waren. Ik vluchtte weg voor wie ik in de kern was: een kwetsbaar en inlevend meisje. Dit mechanisme heeft jaren gewerkt totdat ik thuis kwam te zitten.
Het eerste jaar van de burn-out
In het begin van mijn burn-out had ik vrij weinig behoefte aan contact met mensen. Ik leerde snel om te schakelen tussen de mensen die mij energie brachten en mensen die mij energie kostten en wilde even niet meer investeren in relaties. Ik vond dat ik genoeg had gedaan voor de mensen om mij heen en dat ten koste van mezelf. Het was tijd dat mensen wat terug gingen doen. Langzaam verdween ik naar de achtergrond: van een studente die midden in het leven stond naar een studente die haar mond hield en wegkwijnde op haar kamer. Wel bleef ik vakken volgen vanuit huis, want helemaal stilzitten dat druiste zo in tegen wie ik dacht te moeten zijn.
Ik werd lid van een online community met mensen met een burn-out en ging mega slecht op de mensen die heel negatief waren. Ik nam hun ziek zijn en mijn eigen ziek zijn niet serieus. Even tot rust komen, even ontdoen van de prikkels en quick fix oplossingen en je komt er wel weer. Dat was wat ik dacht. Mijn lichaam en mijn geest hebben daar een stokje voorgestoken. Omdat ik mezelf nooit serieus nam, namen andere mensen mijn ziek zijn in het begin ook niet serieus. ‘Ah Mies, wil je dit even voor mij doen?’ Wetende dat mijn verantwoordelijkheidsgevoel dat niet kon weerstaan.
Opzoek: wie ben ik nou echt?
In februari ’18 kwam ik na een lang traject bij een psycholoog terecht. Ik ging met haar opzoek naar de antwoorden op de volgende vragen. Wie is Michelle? Welke gebeurtenissen hebben ertoe geleid dat je zo’n pittige tante bent geworden? Waarom gaat de kwetterende kant van Michelle omhoog als ze eigenlijk emotioneel is? Waar liggen haar grenzen? Wanneer is ‘goed’ genoeg? Ik heb geleerd om emoties te ervaren en deze te benoemen. Ik herken emoties bij anderen en benoem deze. Mijn relaties hebben veel meer diepgang gekregen doordat ik openhartiger werd en oprechte interesse ging krijgen in de persoon achter wat iemand deed.
Ik heb een aantal belangrijke lessen geleerd die ik met jullie wil delen:
- Perfectionisme is niet hetzelfde als zelfopoffering.
- De lat hoeft niet altijd op 120% te liggen. Je mag hiermee schommelen.
- Niemand kan zonder rust en tijd voor zichzelf.
- Niet iedereen in je leven is goed voor je en dit werkt ook de andere kant op.
- Status, geld en een shitload aan spullen zorgen niet voor een gelukkig leven.
De basis van een gelukkig leven is gelegen in gezondheid, diepe verbinding met andere mensen (en met jezelf), simpliciteit en liefde. Liefde is het allerbelangrijkste en deze liefde begint bij jezelf.

